![]() |
De ondergrond moet droog, stevig, vet- en stofvrij zijn en, heel belangrijk, vlak en waterpas. Indien de ondergrond kleine oneffenheden vertoont, deze oneffenheden bijwerken en opschuren. Smeer ruwe ondergronden aan met egalisatiemateriaal. |
![]() |
Behandel eerst de ondergrond met een primer of hechtemulsie en hou rekening met de droogtijd vooraleer verder te gaan met de werken. |
![]() |
Om de tegels uit te lijnen, begint u met het midden van de te betegelen vloer aan te duiden. Leg vanuit dit punt 1 rij tegels (ongelijmd) om de indeling te bekijken. Bepaal hierbij ook de voegbreedte (2 à 10mm) die u gaat hanteren. |
![]() |
Meng de tegellijm met water volgens de mengverhouding en de voorschriften op de verpakking. Doe dit met behulp van een roerijzer. Vervolgens enkele minuten laten rusten en opnieuw doorroeren tot een homogene brij. U kan ook gebruik maken van reeds kant-en-klare pasta’s. |
![]() |
Smeer de lijm uit over de vloer met een truweel in een gelijkmatige dikte. Breng niet meer lijm aan dan wat u binnen de verwerkingstijd kan verwerken.
|
![]() |
Doorkam vervolgens de tegellijm met een lijmkam of een getande spaan. Leg de lijm niet te dik, anders loopt u het risico dat de tegels breken. |
![]() |
Nu kan u de eerste tegel plaatsen, evenwijdig met de wand in het midden. Dit doet u voor de eerste rij. |
![]() |
Druk de tegels vervolgens in het lijmbed aan met een rubberen hamer. Gebruik een waterpas om de vlakheid van het geheel na te kijken. Indien de tegel zich niet vasthecht in het lijmbed, kan u overgaan tot het inlijmen van de achterkant van de tegel en vervolgens de achterkant van de tegel doorkammen. |
![]() |
Plaats de tweede rij tegels door gebruik te maken van voegkruisjes om de voegen overal even breed te maken. Ga zo verder te werk voor de volgende rijen. |
|
Onderschat het belang van de voegen niet! Voegen zijn niet alleen belangrijk op esthetisch vlak maar vooral voor de duurzaamheid van de vloer. Van zodra de lijm volledig droog is (we raden aan minstens 24u te wachten) kan u beginnen met het voegen. Zorg ervoor dat de voegen zuiver, stofvrij en gelijkmatig diep zijn vooraleer u begint. Mogelijke voegbreedtes (afhankelijk van de tegel): Tegel 10cm voeg 2 à 3mm Bij sommige materialen, zoals marmer, worden de tegels zonder voegen geplaatst. |
![]() |
Meng de voegmortel met water tot een smeuïge brij volgens de dosering en de voorschriften op de verpakking. Opgelet, de dosering nauwlettend volgen. Maak de mortel niet te vloeibaar, de mortel zal dan slecht drogen en de voegen riskeren te barsten, zoniet zelfs af te brokkelen. |
![]() |
Giet de halfvloeibare voegmortel over de vloer en smeer hem uit tussen de tegels met behulp van een rubberen wisser. Doe dit in alle richtingen van de voegen om ze gelijkmatig te vullen. Verwijder het overschot met de rubberen wisser. |
![]() |
Naargelang de werfomstandigheden, maar in het algemeen, wanneer de voegmortel op de vloer mat wordt, en in de voegen opstijft, de tegels met een vochtige spons reinigen teneinde het overschot te verwijderen en de voegen glad te strijken. Wanneer de voegen volledig droog zijn, met een droge doek de laatste sporen van de voegmortel verwijderen. Pas na 48 uur mag u de vloer schoonmaken met water. |